Basissauzen.

 

De Basissauzen basis :

De basis van al mijn basissauzen beginnen als roux.
Een mengsel van gelijke hoeveelheden boter of margarine en bloem.
Dit wordt dan aangemengd met melk of bouillon om een saus te vormen.

Drie soorten.

Basissauzen zijn er eigenlijk in drie soorten.

Je hebt de basissaus met melk als vocht.
Dit heet een bechamelsaus.
Denk hierbij bijvoorbeeld aan een kaassaus.

Met bouillon wordt het een veloutésaus en daarbij hoeft de bouillon niet alleen uit vlees getrokken te zijn.
Visbouillon of groente bouillon kan ook prima.
Bijvoorbeeld een kerriesaus of champagnesaus.

En dan is er nog de donkere saus met bouillon.
Dit heet dan een espagnolasaus.
Maar hierover weet ik te weinig.

Hoe dik ?

Voor een normale saus bij vlees of vis rekent u 30 gram boter of margarine en 30 gram bloem per 1/2 liter vocht.
Is dit te dun, dan neemt u 35 a 40 gram van elk per 1/2 liter vocht.

Zo wordt uw saus nog lekkerder !

De ene saus is de andere niet. Er zijn zo veel smaakjes.
Maar u kunt hierin zelfs een graad van verfijning in bereiken.
Een scheutje wijn doet al heel wat met een saus.
Witte wijn bij een lichte saus, rode bij een donkere.
Ook een scheutje room doet wonderen voor uw saus.
En hiervoor heeft u niet altijd speciale kookroom nodig.
Een scheut koffiemelk is vaak al voldoende.

Nog een smaakverfijner is eierdooier.
1 of twee per 1/2 liter saus is prima.
Doe het eerst in een kommetje, roer deze langzaam door en voeg beetje bij beetje een gedeelte van de saus.
Doe vervolgens het ei/saus mengsel bij de rest van de saus.
Nog even langzaam roerend opwarmen.

Verdere smaakmakers zijn :

Kruiden zoals bieslook, peterselie, kervel, bladselderij of gedroogde kruiden als marjolein, basilicum of iets anders uit uw kruidenrekje.
Specerijen geven ook de gewenste pittigheid aan een saus.
Maar wees voorzichtig met tabasco of worcestersaus.