Deeg.

Deeg is het succes voor een taart, een quiche of gebak.

 

Het deeg moet licht, knapperig en goudbruin zijn.
Wie de techniek van het maken beheerst, zal altijd perfecte resultaten hebben.
Voor quiches en flans gebruikt u kruimeldeeg, filodeeg of bladerdeeg.
En wie tijd wilt besparen bewaart het in de diepvries.
deeg

Verschillende soorten.

Kruimeldeeg.

Kruimeldeeg wordt meestal met gewone bloem gemaakt.
Als u wat zelfrijzend bakmeel toevoegt wordt het resultaat lichter.
Boter geeft de beste smaak, maar u kunt ook ander vet gebruiken.
U kunt het boter het beste zo klein mogelijk snijden, en niet laten opwarmen.
Koud is het het beste Wanneer u begint.

Eieren maken het kruimelig en rijk.
Melk geeft het een zachtere vorm dat goed bruin wordt.

Werk snel en licht, of u nu met de hand werkt of met een keukenmachine.
Te lang mengen, en te ruw behandeld maken het taai.

Laat het minstens 30 minuten rusten in de koelkast in huishoudfolie voordat u ermee aan de slag gaat.

Soezendeeg.

Bij soezendeeg wordt eerst bloem gemengd met een kokende vloeistof.
Daarna worden er eieren aan toegevoegd.
Dit geeft een luchtig gebak dat in het midden vaak hol is.
Soezenbeslag wordt vaak gebruikt voor hartige soezen, roomsoezen en moorkoppen.
Eenmaal bereid en gevuld moet u ze direct serveren, anders worden ze weer slap.

Bladerdeeg.

Waarschijnlijk het moeilijkste te maken is wel bladerdeeg.
Maar het wordt dan ook wel beschouwt als de fijnste van alle soorten deeg.
Het is kant-en-klaar te koop. Wel zo makkelijk.

 deeg

Het uitrollen.

Gebruik een gladde houten deegrol. Ze zijn er ook wel van marmer, maar daar moet u dieper voor in de buidel tasten.
Rol het uit op een licht met bloem bestoven oppervlak.
Ook hierbij is marmer ideaal, maar niet iedereen kan zo’n keukenblad veroorloven.
U kunt het ook tussen twee vellen huishoudfolie of bakpapier doen.
Rol het met korte, snelle bewegingen van u af.
Na elk rol draait u het een kwart slag en zorgt u ervoor dat u het niet oprekt.
Als u iets moet bekleden met het deeg, houd dan aan dat u het 4 cm groter maakt dan de vorm die u gaat bekleden.

 deeg

Overige tips.

  • Het is belangrijk om deeg op de juiste temperatuur te bakken.
    Als uw oven koeler of warmer is dan normaal, moet u de baktijd aanpassen.
    Het moet knapperig en goudbruin, en de vulling stevig zijn.
  • Keramische en glazen bakvormen geleiden de warmte minder goed dan metalen vormen.
    Ze zien er wel mooier uit.
    Om ervoor te zorgen dat uw deeg net zo goudbruin en knapperig wordt als in een metalen vorm , kunt u het beter op een rooster plaatsen in de oven.
  • Een taartvorm van 20 cm doorsnee is goed voor 5 – 6 personen (4 – 5 punten).
    Een taart van 23 cm doorsnee geeft 6 – 8 punten.
    En een van 25 cm geeft wel de mogelijkheid voor 8 – 12 punten.